De oerknaltheorie

De oerknaltheorie - De premisse
De oerknaltheorie (ook wel de "Big Bang"-theorie genoemd) is een poging om te verklaren wat er tijdens het ontstaan van ons universum plaatsvond. Ontdekkingen in de astronomie en de natuurkunde hebben alle mogelijke twijfels weggenomen over het feit dat ons universum inderdaad een begin had. Voor dit moment was er niets; gedurende en na dit moment was er wel iets: ons universum. De oerknaltheorie is een poging om te verklaren wat er tijdens en na dit moment gebeurde.

Volgens de standaardtheorie ontstond ons universum ongeveer 13,7 miljard jaar geleden uit een "singulariteit". Wat is een singulariteit en waar komt die vandaan? Nou, om eerlijk te zijn: we weten het niet zeker. Singulariteiten zijn zones die ons huidige begrip van de natuurkunde te boven gaan. Wetenschappers denken dat ze bestaan in de kern van "zwarte gaten". Zwarte gaten zijn gebieden met een enorme druk die wordt veroorzaakt door zwaartekracht. Die druk zou zo groot zijn dat een eindige hoeveelheid materie tot een oneindige dichtheid wordt samengeperst (voor het menselijke verstand een verbazingwekkend wiskundig idee). Deze zones met oneindige dichtheid worden "singulariteiten" genoemd. Ons universum zou zijn begonnen als een oneindig klein, oneindig heet, oneindig dicht.... iets. Een singulariteit. Waar kwam die singulariteit vandaan? We weten het niet. Waardoor ontstond die singulariteit? We weten het niet.

Vervolgens zette de singulariteit uit (inflatie) en koelde hij af. Hij ging van heel minuscuul en heel heet tot de huidige afmeting en temperatuur van ons universum. Zelfs vandaag de dag vinden die uitzetting en afkoeling nog steeds plaats. Wij bevinden ons midden in dat proces; wij zijn ongelooflijke wezens op een unieke planeet, die een baan beschrijft rondom een prachtige ster. Die ster is bevindt zich met honderden miljarden andere sterren in een sterrenstelsel dat zich door de kosmos beweegt. Dit alles vindt plaats in een uitdijend universum dat begon als een oneindig kleine singulariteit die om onbekende redenen uit het niets verscheen. Dat is de oerknaltheorie.

De oerknaltheorie - Veel voorkomende misvattingen
Er bestaan veel misvattingen over de oerknaltheorie. Mensen denken bijvoorbeeld vaak dat het een explosie was. Maar volgens experts was er helemaal geen explosie; er was (en er is nog steeds) een uitzetting of inflatie. In plaats van ons een ballon voor te stellen die knapt en zijn inhoud loslaat, moeten we ons een ballon voorstellen die uitzet; een oneindig kleine ballon die groeit tot de afmeting van ons huidige universum.

Daarnaast hebben we de neiging om de singulariteit voor te stellen als een kleine vuurbal die ergens in de ruimte verscheen. Maar volgens de deskundigen bestond er helemaal geen ruimte voordat de oerknal plaatsvond. In de jaren '60 en en de vroege jaren '70, toen de mens voor het eerst de maan bewandelde, "concentreerden drie Britse astrofysici, Steven Hawking, George Ellis en Roger Penrose zich op de relativiteitstheorie en de implicaties daarvan voor ons tijdsbesef. In 1968 en 1970 publiceerden zij artikelen waarin zij Einsteins algemene relativiteitstheorie uitbreidden zodat die ook de van ruimte- en tijdsdimensies bevatte.1, 2 Volgens hun berekeningen hadden ruimte en tijd een eindig begin dat overeenkwam met de oorsprong van materie en energie."3 De singulariteit verscheen niet in de ruimte; in plaats daarvan begon ruimte binnen in de singulariteit. Voordat de singulariteit er was, bestond er helemaal niets: geen ruimte, tijd, materie of energie. Niets. Waar verscheen deze singulariteit dan als hij niet in de ruimte verscheen? We weten het niet. We weten niet waar hij vandaan kwam, waarom hij hier is, of zelfs waar hij zich bevindt. Het enige dat we weten is dat wij ons zelf binnen in de singulariteit bevinden en dat hij op een bepaald moment niet bestond (en wijzelf net zo min).

De oerknaltheorie - Bewijs voor de theorie
Wat zijn de voornaamste bewijsstukken voor de oerknaltheorie?

  • Ten eerste zijn we er redelijk zeker van dat het universum een begin had.

  • Ten tweede lijken sterrenstelsels zich van ons af te bewegen met snelheden die proportioneel zijn aan hun afstand. Dit wordt de "Wet van Hubble" genoemd. Dit verschijnsel is vernoemd naar Edwin Hubble (1889-1953) die dit fenomeen in 1929 ontdekte. Deze waarneming ondersteunt de inflatie van het universum en suggereert dat het universum ooit gecompacteerd was.

  • Ten derde zouden we enige resten van de vermeende oorspronkelijke hitte van ons universum moeten kunnen aantreffen. In 1965 ontdekten radioastronomen Arno Penzias en Robert Wilson een kosmische achtergrondstraling van 2725 graden Kelvin (-270.425 graden Celsius) waarvan het hele waarneembare universum doordrongen is. Dit zou het restant te zijn waarnaar de wetenschappers op zoek waren. Penzias en Wilson kregen voor deze ontdekking in 1978 de Nobelprijs in de natuurkunde.

  • Ten vierde zouden de grote hoeveelheden "lichte elementen" waterstof en helium in het universum het oerknalmodel voor de oorsprong bekrachtigen.

De oerknaltheorie - De enige plausibele theorie?
Is de standaard oerknaltheorie het enige model dat overeenkomt met deze bewijsstukken? Nee, het is slechts de populairste theorie. De beroemde astrofysicus George F. R. Ellis legt dit als volgt uit: "Mensen moeten zich e van bewust zijn dat er een aantal modellen bestaat dat de waarnemingen zou kunnen uitleggen... Ik kan bijvoorbeeld een bolvormig symmetrisch universum voorstellen met de aarde in het centrum, en je zou dit op basis van de waarnemingen niet kunnen weerleggen... Je kan het slechts op filosofische gronden uitsluiten. In mijn ogen is daar absoluut niets mis mee. Wat ik naar buiten wil brengen is dat we filosofische criteria toepassen wanneer we onze modellen kiezen. Een groot gedeelte van de kosmologie probeert dat te verbergen."4

In 2003 formuleerde astrofysicus Robert Gentry een aantrekkelijk alternatief voor de standaardtheorie. Het is een alternatief dat eveneens de bovenstaande bewijsstukken kan verklaren.5 Dr. Gentry beweert dat het standaard oerknalmodel gebaseerd is op een foutief paradigma (het Friedmann-Lemaître paradigma van een uitdijende ruimte en tijd). Gentry beweert dat dit paradigma niet overeenstemt met de empirische data. In plaats daarvan baseert hij zijn model op Einsteins paradigma van een statische ruimte en tijd, dat volgens hem de "Steen van Rosetta van de kosmos" is. Gentry heeft verscheidene artikelen gepubliceerd waarin hij de ernstige tekortkomingen van het standaard oerknalmodel heeft uiteengezet.6 Andere prominente dissidenten zijn onder andere Nobelprijswinnaar Dr. Hannes Alfvén, Professor Geoffrey Burbidge, Dr. Halton Arp en de beroemde Britse astronoom Sir Fred Hoyle, die als eerste de term "Big Bang" gebruikte (in een radio uitzending van de BBC in 1950).

De oerknaltheorie - En God dan?
Een discussie over de oerknaltheorie is onvolledig zonder de volgende vraag te stellen: "En God dan?" De kosmogonie (de bestudering van de oorsprong van het universum) is namelijk een vakgebied waarin wetenschap en theologie elkaar ontmoeten. De schepping was een bovennatuurlijke gebeurtenis. Dat wil zeggen, de schepping vond plaats buiten het natuurlijke domein. Dit gegeven roept de volgende vraag op: zijn er buiten het natuurlijke domein nog meer dingen? Is het mogelijk dat Zich daar een Meesterarchitect bevindt? We weten dat ons universum een begin had. Was God de "eerste oorzaak"? We kunnen deze vraag in dit korte artikel niet afdoende beantwoorden. Maar we kunnen wel beginnen met de volgende vraag:

Bestaat God?

1 Steven W. Hawking, George F.R. Ellis, "The Cosmic Black-Body Radiation and the Existence of Singularities in our Universe," Astrophysical Journal, 152, (1968) pp. 25-36.
2 Steven W. Hawking, Roger Penrose, "The Singularities of Gravitational Collapse and Cosmology," Proceedings of the Royal Society of London, series A, 314 (1970) pp. 529-548.
3 Mark Eastman, Chuck Missler, The Creator: Beyond Time and Space, (1996) p. 11.
4 W. Wayt Gibbs, "Profile: George F. R. Ellis," Scientific American, October 1995, Vol. 273, No.4, p. 55.
5 Zie http://www.halos.com/reports/ext-2003-022.pdf
6 Zie http://www.halos.com/reports/arxiv-1998-rosetta.pdf en
http://www.halos.com/reports/ext-2003-021.pdf;
Zie ook http://www.halos.com/reports/arxiv-1998-redshift.pdf rn
http://www.halos.com/reports/arxiv-1998-affirmed.pdf